Organisatie die opkomt voor rechten gevangenen in gesprek met Europese Commissie

Het European Prison Observatory, een coalitie van organisaties uit acht Europese landen, heeft in Brussel een conferentie gehouden waar de bevindingen op basis van twee jaar gevangenistoezicht in de EU zijn besproken.

Het European Prison Observatory (EPO) heeft op 12 januari in Brussel een conferentie gehouden om in gesprek te gaan met de Europese Commissie en bestuurders van het gevangeniswezen van een aantal Europese landen. Het EPO wordt gesteund door de Commissie en bestaat uit organisaties die zich inzetten voor de bescherming van de mensenrechten van gevangenen. De organisaties zijn afkomstig uit Frankrijk, Griekenland, Italië, Letland, Polen, Portugal, Spanje en het Verenigd Koninkrijk.

Alessio Scandurra, werkzaam bij de Italiaanse partnerorganisatie Associazione Antigone en coördinator van het EPO, opende de conferentie door terug te blikken op de geschiedenis van de in 2001 opgerichte waarnemingspost. De Europese Commissie, die werd vertegenwoordigd door Jesca Beneder, benadrukte het belang dat zij heeft bij zowel de kwantitatieve als kwalitatieve informatie die het EPO in de afgelopen twee jaar over Europese gevangenissen heeft verzameld. Deze informatie heeft alle bindende instrumenten, die blijk geven van de waarde die de EU hecht aan het strafrecht en gevangenisomstandigheden, gesystematiseerd.

Mauro Palma, voorzitter van de Raad voor Samenwerking op Strafrechtelijk gebied(onderdeel van de Raad van Europa) en de nieuwe vicevoorzitter van het Italiaanse gevangeniswezen, wees op de preventieve rol van toezichthouders ten aanzien van marteling en vernederende behandeling. Deze rol gaat verder dan de cognitieve analyse van dergelijke misstanden. Palma, die lange tijd voorzitter van het Europees Comité voor de Preventie van Foltering is geweest, zou graag zien dat het EPO zich uitbreidt zodat alle EU-landen betrokken zijn bij dit monitoringproces. In zijn nieuwe rol als bestuurder van het Italiaans gevangeniswezen sprak hij daarnaast over de uitvoering van EPO-aanbevelingen ten aanzien van het nationale gevangenisbeleid. Het Italiaans gevangeniswezen werd ook vertegenwoordigd door Roberta Palmisano, die aan het hoofd staat van het bureau van het Italiaanse Ministerie van Justitie dat onderzoek doet naar gevangenissen. Zij gaf uitleg over de laatste ontwikkelingen binnen het Italiaans gevangenisbeleid op het gebied van onderwijs, sociale reïntegratie en het dagelijks leven in de gevangenis.

De EPO-leden, die zich zowel richtten op de situatie in de afzonderlijke partnerlanden als op gezamenlijke beste praktijken, brachten de belangrijkste gevangenisproblemen in Europa ter sprake, evenals de, over het algemeen, slechte inachtneming van de Europese normen. Gezondheidszorg, onderwijs, carrièrekansen, beveiliging, veiligheid, reïntegratie en jeugdgevangenissen zijn de belangrijkste thema’s van het EPO.

Beste praktijken

Een voorbeeld van een positieve ontwikkeling is het opzetten van een systeem van representatieve democratie in gevangenissen in Engeland en Wales. Dit komt zowel gevangenen als het gevangenispersoneel en de samenleving als geheel ten goede. Andere EU-landen moeten ertoe worden bewogen om een vergelijkbare aanpak te hanteren. Door gevangenen stemrecht en dezelfde democratische rechten als andere burgers te geven, heeft Polen laten zien dat burgerschap en een voortdurende maatschappelijke participatie mogelijk is zonder de beveiliging op de proef te stellen.

Aangezien gevangenen vaak uit achtergestelde gemeenschappen komen en terechtkomen in gevangenissen ver van hun gezins- en familieleden en vrienden, kan het onderhouden van persoonlijke relaties moeilijk zijn, omdat het brengen van een bezoek voor gezinnen met lage inkomens duur kan uitvallen. Het vergoeden van reiskosten voor gezins- en familieleden en vrienden via sociale uitkeringen, zoals geval is in het VK, zou een standaard praktijk in de rest van de EU moeten worden.

Een ander cruciaal probleem is privacy tijdens het gevangenisbezoek. Als gevangenen hun partner op bezoek krijgen is de mogelijkheid tot intimiteit en seks van groot belang. Onderzoek naar de ‘privékamers’ in Franse gevangenissen wijst uit dat deze kamers familiebanden versterken zonder dat hierbij de beveiligingsnormen in het gedrang komen. Dit Franse voorbeeld verdient navolging in alle andere EU-landen, evenals de universiteitscentra in Italiaanse gevangenissen en het gebruik van digitale technologieën om gevangenen sociale contacten te laten onderhouden (deze technologieën zijn veilig en niet duur, zoals het Schotse programma voor ‘videobezoeken’ heeft bewezen).

Jamie Bennett, hoofd van de Grendon Prison in Buckinghamshire, vertegenwoordigde het gevangeniswezen van Engeland en Wales. Hij beschreef het, voor Europa unieke model van zijn gevangenis, dat in de jaren ’60 van de vorige eeuw werd geïntroduceerd en volledig is gebaseerd op zelfbestuur van de gevangenen en dynamische beveiliging.

De conferentie werd namens nationale en internationale autoriteiten en namens de Europese burgermaatschappij bijgewoond door leden van verschillende Europese mensenrechtenorganisaties – waaronder Fair Trials International en Harm Reduction International – die zich hard maakten voor een groter onafhankelijk en permanent toezichtorgaan voor gevangenisomstandigheden in Europa.