Zaak over homodiscriminatie wint voor het EHRM, Italië opnieuw veroordeeld

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft geoordeeld dat Italië een homostel heeft gediscrimineerd door geen verblijfsvergunning te verlenen voor familie- of gezinslid. Italië heeft hierdoor het EVRM overtreden en moet het stel compenseren.

De feiten

De verzoekers, Roberto Taddeucci en Doublas McCall, zijn een homoseksueel koppel met de Italiaanse en Nieuw-Zeelandse nationaliteit en besloten samen te gaan wonen in Italië. McCall vroeg een verblijfsvergunning voor familie- of gezinslid, die werd verleend door de civiele rechter van Florence. De minister van Binnenlandse Zaken ging echter in hoger beroep. Het gerechtshof van Florence liet het beroep toe en duidde dat de Nieuw-Zeelandse autoriteiten Taddeucci en McCall de status van 'ongetrouwde partners' hadden toegekend, niet die van 'familieleden'. Het gerechtshof besloot dat het recht in Nieuw-Zeeland onverenigbaar was met het Italiaanse beleid omdat het dezelfde rechten verleende aan homostellen als aan familieleden met betrekking tot het toekennen van verblijfsvergunningen. De Italiaanse Hoge Raad besloot dat Taddeucci en McCall's verzoek om cassatie ongegrond was omdat de definitie van 'familielid' zich alleen strekte tot echtgenoten, minderjarigen, volwassen onafhankelijke kinderen en zorgbehoevende verwanten.

Uitspraak

Met zes stemmen tegen één hield het Europees Hof voor de Rechten van de Mens dat het homostel gediscrimineerd werd door de Italiaanse autoriteiten doordat ze een verblijfsvergunning werden geweigerd. Hierdoor overtreed Italië artikel 14 (verbod op discriminatie) en artikel 8 (recht op eerbiediging van privé familie- en gezinsleven) van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Ter compensatie is Italië nu verplicht 20 000 euro aan de verzoekers te betalen, naast de 18 000 euro voor gemaakte proceskosten.

Significantie van de uitspraak

Het Hof heeft gehouden dat het relatief anders behandelen van homostellen met het doel verblijfsvergunningen op familiebasis te kunnen verlenen het recht op vrijheid van discriminatie op basis van seksuele oriëntatie schendt. De juridische situatie van een homostel kon niet worden vergeleken met die van een ongetrouwd heteroseksueel koppel aangezien ze niet konden trouwen en destijds ook geen alternatieve juridische erkenning konden krijgen waardoor ze als 'echtgenoten' konden worden geclassificeerd in het Italiaans recht. Om deze reden verwierp het EHRM het argument van Italië dat het concept van de 'traditionele familie' moest worden toegepast bij het toekennen van verblijfsvergunningen. De beperkte interpretatie van het concept 'familielid' is een constant obstakel geweest voor homostellen en heeft in dit geval de rechten van de verzoekers geschonden.

Bron: http://www.humanrightseurope.org/2016/06/italy-cou...