Wat is er mis met de filteroplossingen van de EU?

De aanpak van de EU voor het beschermen van kinderen tegen schadelijke content op het internet en het bestrijden van auteursrechtelijke schendingen vereist dat IT-bedrijven het internet gaan filteren.

Het Europees Parlement staat op het punt om over twee wetten te stemmen. Één daarvan is de richtlijn inzake auteursrechten in de digitale eengemaakte markt, de andere is de richtlijn audiovisuele mediadiensten. Deze richtlijnen zouden het internet voor altijd voor iedereen veranderen.

De bescherming van kinderen en de bestrijding van schendingen van auteursrecht zijn legitieme redenen om de vrijheid van meningsuiting te beperken. Maar het is belangrijk om een juist evenwicht te vinden tussen de rechten die op het spel staan, namelijk het auteursrecht, de bescherming van kinderen en de vrijheid van meningsuiting. Eventuele beperkingen van de vrijheid van meningsuiting moeten altijd evenredig zijn. De manier waarop we meestal de vrije meningsuiting en andere belangen afwegen, is om het over te laten aan rechters (en soms de autoriteiten) om richtlijnen uit te vaardigen en problematische rechtszaken één voor één op te lossen.

Nu zoekt de EU een nieuwe richting op, een richting waarin de vrijheid van meningsuiting niet goed wordt gerespecteerd, waar beperkingen onevenredig zijn en beslissingen in handen komen van particuliere bedrijven.

Experts spreken zich uit tegen het voorstel

Het voorstel voor een nieuwe richtlijn auteursrecht zou nieuwe verplichtingen introduceren voor alle dienstverleners van de informatiemaatschappij die content van gebruikers delen en opslaan. Het nieuwe vereiste zou internet dienstverleners verplichten om maatregelen te nemen tegen de schending van auteursrechten, in samenwerking met de rechthebbenden. Het voorstel identificeert content herkenningstechnologieën als een mogelijk middel om aan deze verplichting te voldoen. Het is moeilijk om dit vereiste te zien als iets anders dan een verplichting om toezicht te houden op gebruikersactiviteiten en deze te filteren. De nieuwe regel zou worden toegepast op alle dienstverleners van de informatiemaatschappij, zoals videoplatforms (YouTube), blogplatforms (Twitter, Tumblr), social media platforms (Facebook) en zelfs platforms waarop documenten worden gedeeld (Dropbox) en marktplaatsen (eBay, Etsy).

Meerdere academici (hier, hier, hier and hier) en mensenrechten en digitale rechtenorganisaties uit heel Europa stellen dat het voorstel in strijd is met huidige EU wetgeving en juridische onzekerheid creëert. Het schendt grondrechten zoals de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van informatie en het recht op privacy, en is in strijd met eerdere beslissingen van het Hof van Justitie van de EU.

Mensenrechtenorganisaties zeggen dat filteren de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van informatie schendt en dat het constante toezicht van gebruikersactiviteiten een beperking is van het recht op privacy.

Inmenging met mensenrechten

Filteren creëert een milieu waarin mensen geen toegang hebben tot bepaalde informatie. Filteren is een soort automatische, voorbarige censuur in de naam van de bescherming van bepaalde waarden. Hieronder hoort bijvoorbeeld de morele verplichting om kinderen te beschermen. Dit voorkomt dat ze toegang krijgen tot zogenaamde schadelijke content. Deze waarde kan worden gezien in de communistische ideologie, bijvoorbeeld in China. Een veel voorkomend kenmerk van deze gevallen is dat particuliere bedrijven of staten algoritmen opzetten voor de bescherming van verschillende onbepaalde waarden.

Maar auteursrecht is iets anders. Er zijn objectieve criteria die ertoe dienen om de creatieve werken van de rechthoudenden te beschermen. Echter, de bescherming ervan is afhankelijk van de wensen van de maker. Er zijn makers die vrijwillig hun werken met anderen delen terwijl anderen je alleen toestemming geven wanneer je hen betaalt. Het gebruik van auteursrechtelijk werk voor parodieën can legaal of illegaal zijn, afhankelijk van de wetgeving in ieder Europees land.

Wat we hier zien, is een duidelijke inmenging met de grondrechten. Aan de ene kant is er vrijheid van meningsuiting en het recht op toegang tot informatie; aan de andere kant is er de bescherming van de makers en hun werken. De creatieve industrie zou niet gedijen zonder de juiste auteursrechtelijke bescherming. Het is ook belangrijk voor de economie en voor de ontwikkeling van informatietechnologie. Het vereist dat een billijk evenwicht wordt bereikt tussen de betrokken rechten, namelijk het auteursrecht en de grondrechten, wordt in dit geval echter niet verwezenlijkt. Dat komt omdat het auteursrecht al op andere manieren wordt beschermd - manieren die de privacy veel minder beperken. De richtlijn elektronische handel is een goed voorbeeld hiervan. Het beperkt de aansprakelijkheid voor inbreuken op het auteursrecht waarbij serviceproviders daadwerkelijk bekend zijn met de inbreuk, of in gevallen waarin zij hier kennis van hadden maar de toegang tot de inhoud niet verwijderden. Volgens het voorstel voor een nieuwe richtlijn inzake auteursrechten worden internetproviders aansprakelijk voor alles wat hun filters doorlaten, zelfs zonder hun feitelijke kennis ervan. De nieuwe regels zouden dus voor internetserviceproviders juridische onzekerheid kunnen scheppen over welk wetgevingsinstrument zij zouden moeten volgen.

'Schadelijke content'

Vanuit een breder perspectief kunnen we gemakkelijk zien dat de voorgestelde filteroplossing om inbreuk op het auteursrecht te voorkomen, past in een trend in de EU. Naast het voorstel voor een nieuwe richtlijn inzake auteursrecht vereist de voorgestelde nieuwe versie van de richtlijn audiovisuele mediadiensten ook filteroplossingen. De voorgestelde richtlijn zou ook vereisen dat platforms voor het delen van privé-eigendom een filtermechanisme toepassen in naam van de bescherming van minderjarigen.

Hoewel de bescherming van minderjarigen een wenselijk doel is, zijn er twee fundamentele problemen mee. Ten eerste is het moeilijk om te definiëren wat als 'schadelijke inhoud' kan worden beschouwd. Het kan bijvoorbeeld moeilijk zijn om de grens te trekken tussen softcore-pornografie en belangrijk materiaal voor seksuele voorlichting. Dezelfde inhoud kan schadelijk zijn voor een gemiddelde 10-jarige, maar zeer nuttig voor een 10-jarige die slachtoffer is van seksuele intimidatie. Ten tweede beschikken platforms voor het delen van video's niet over de kennis en de personele middelen om de inhoud correct te classificeren.

Verplicht filteren vereist particuliere bedrijven om moeilijke grondrechtenproblemen op te lossen. De auteursrechtrichtlijn zou bedrijven verplichten onderscheid te maken tussen beschermde vrijheid van meningsuiting en schending van auteursrechten, terwijl de nieuwe richtlijn audiovisuele mediadiensten hen zou verplichten onderscheid te maken tussen vrijheid van meningsuiting en schadelijke inhoud.

De verantwoordelijkheid bij bedrijven leggen

Met deze oplossing probeert de Commissie het probleem van inbreuk op auteursrechten en schadelijke en haatdragende online content op te lossen door de verantwoordelijkheid te verleggen naar internetbedrijven, zoals zoekmachines, platforms voor het delen van video's en sociale netwerken. Deze bedrijven hebben echter niet de middelen en kennis om problemen met betrekking tot de grondrechten op te lossen.

En het gaat niet alleen om hun expertise op dit gebied - het druist ook in tegen de aard van het bedrijfsleven. Voor deze bedrijven is de bescherming van de grondrechten niet van primair belang. Als het gaat om het kiezen tussen zakelijke belangen en het beschermen van de vrijheid van meningsuiting, hebben bedrijven een sterke prikkel om voor het eerste te kiezen, namelijk om content te verwijderen als er enig risico bestaat dat zij wettelijk aansprakelijk kunnen worden.

Door bedrijven de controle over content te geven, lopen de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van informatie ernstig gevaar, omdat het voor individuen moeilijker wordt om hun recht op vrije meningsuiting uit te oefenen en te handhaven. Er zal zelfs niet de mogelijkheid zijn voor een publiek debat over bepaalde inhoud, omdat het nooit aan het licht zal komen. Deze bedrijven zullen alle beschikbare informatie controleren. Het nemen van beslissingen door bedrijven over content is niet alleen een zware last voor de commerciële sector, maar het is ook zeer ondoorzichtig, wat een volkomen ongepaste manier is voor democratieën om zo'n belangrijk onderwerp als de vrijheid van meningsuiting te regelen. Het gebrek aan transparantie is een probleem omdat het geen verantwoording inhoudt - individuen weten niet wie ze verantwoordelijk moeten houden wanneer hun content wordt geblokkeerd of wordt verwijderd, waardoor ze geen eerlijk proces meer krijgen.

Dus waarom verandert de EU de regels? In de eerste plaats is de EU bereid om verantwoordelijkheden te verschuiven naar grote bedrijven die de financiële middelen hebben om problemen op te lossen, software ontwikkelen en indien nodig boetes betalen. Ten tweede probeert de EU een meer evenwichtige creatieve industrie te creëren. Aan de ene kant hebben internetbedrijven bepaalde belangen, terwijl aan de andere kant rechthebbenden hun eigen belangen hebben: ergens tussenin gaat het belang van gebruikers verloren. Wij zijn van mening dat de EU zich ook op de gebruikers moet richten en de vrijheid van meningsuiting, vrijheid van informatie en privacy van mensen moet beschermen.