#ToObeyOrNotToObey: de dankbaarheidstheorie en de eerlijkheidstheorie

Is het de plicht tot dankbaarheid die je voorschrijft om de wet te volgen? Of komt je plicht tot het volgen van de wet voort uit je verplichting om landgenoten eerlijk te behandelen?

Zoals je wellicht in ons vorige artikel hebt gelezen, betwijfelen veel filosofen dat je verblijf in een land, het bezitten van onroerend goed daar, of zelfs het deelnemen aan verkiezingsprocessen, een echte daad van toestemming zou vormen en als zodanig een verplichting zou creëren om de wet te gehoorzamen. Maar dit betekent niet dat je geen plicht hebt om de wetten na te leven doordat je in een bepaald land woont. Je zult niet gebonden zijn door je toestemming - maar misschien ben je door iets anders gebonden.

Dankbaarheid

Wat zou dit kunnen zijn? Sommigen stellen voor dat het de plicht is om dankbaar te zijn. De meest bekende versie van de dankbaarheidstheorie van de politieke verplichting houdt in dat, aangezien we diensten en faciliteiten ontvangen van de staat, zoals openbare wegen, politie en rechtbanken, de staat als onze weldoener moet worden beschouwd. We hebben allemaal een algemene plicht om niet te handelen op manieren die in strijd zijn met de belangen van onze weldoeners. Het overtreden van de wetten is in strijd met de belangen van de staat. Daarom zijn we gebonden door een plicht van dankbaarheid om de wetten te gehoorzamen.

Hoe overtuigend is dit? In eerste instantie lijkt het idee aantrekkelijk te zijn. Je leven zou immers waarschijnlijk nogal onaangenaam zijn als de autoriteiten geen openbare wegen, politie of een justitieel systeem zouden aanbieden. Zeker, je zou dankbaar moeten zijn voor de mogelijkheid om in een veilig land te leven met openbare diensten.

De dankbaarheidstheorie lijkt makkelijk om te gaan met klokkenluiden (zelfs wanneer er sprake is van het breken van wetten). Het is bijvoorbeeld absoluut tegen het belang van de staat om samen te werken met corrupte ambtenaren. Je kunt dus gerechtvaardigd klokkenluiden, zelfs als je een aantal wetten moet overtreden - het overtreden van de wetten in zo'n geval is eenvoudigweg niet in strijd met het belang van de staat.

Meningsverschil

Veel filosofen zijn het echter niet eens met de dankbaarheidstheorie. Ze zeggen dat je pas dankbaarheid aan je weldoener verschuldigd bent als de weldoener opzettelijk en met significante kosten voor zichzelf je met bepaalde voordelen heeft voorzien. Stel je de volgende situatie voor. Ik zweet af en toe diamanten, maar hier heb ik compleet geen controle over. Ik geef niet om mode, dus laat ik ze gewoon vallen waar ze toevallig vallen. Ik loop jouw land op en laat voor je deur de diamanten vallen. Ik merk het niet eens, ik ga gewoon verder. Je vindt de diamanten. Ben je me nu dankbaarheid verschuldigd omdat ik je rijk heb gemaakt?

Je hebt waarschijnlijk de indruk dat mensen die in zo'n situatie geen enkele soort dankbaarheid zouden voelen op de een of andere manier vreemd en gemeen zijn. Ik snap dat je je zo voelt. Maar zou je echt die dankbaarheid ten opzichte van mij voelen, en niet gewoon ten opzichte van het leven, het lot, je geloof of iets dergelijks? En als je echt die dankbaarheid jegens mij voelt, hoe ver gaat dat dan? Moet je alles doen wat ik zeg? De meeste filosofen zijn het erover eens dat, zelfs als de staat als je weldoener beschouwd zou kunnen worden, de verplichting die je eraan verschuldigd bent niet sterk genoeg zou zijn om ons te verplichten om wetten te gehoorzamen .

'Fair play' en klokkenluiden

Waarop zouden we anders onze verplichting om de wet te gehoorzamen baseren? Sommige filosofen zeggen dat het ontvangen van voordelen die tot stand kwamen als resultaat van de samenwerking van burgers, een verplichting tot gehoorzaamheid schept. Maar deze verplichting is niet gebaseerd op een plicht van dankbaarheid, maar op een plicht van 'fair play' of eerlijkheid. Dat wil zeggen, je zou de wetten moeten gehoorzamen, niet omdat moraliteit vereist dat je de staat dankbaar bent, maar omdat moraliteit vereist dat je eerlijk bent tegenover anderen en niet gratis gebruik maakt van het werk van anderen terwijl je daar zelf niks voor doet. Omdat de rechtsstaat noodzakelijk is om de samenwerking in een samenleving te handhaven, moet je gehoorzaamheid. Anders gezegd, we moeten allemaal volgens dezelfde regels spelen - als een persoon weg kan komen met valsspelen, dan heeft niemand anders een stimulans om volgens de regels te blijven spelen.

Hoe kan de eerlijkheidstheorie rekening houden met klokkenluiden? De eerlijkheidstheorie erkent (vergelijkbaar met alle andere theorieën die we in deze reeks bespreken) dat er morele redenen zijn om de wet te overtreden die in uitzonderlijke gevallen sterker zijn dan de plicht om normaal gesproken die wet te gehoorzamen. Je zou bijvoorbeeld gerechtvaardigd kunnen zijn om verkeersregels te overtreden, wanneer het de enige manier is om je stervende moeder naar het nabijgelegen ziekenhuis te brengen en de kans dat je iemand zou verwonden met deze ongehoorzaamheid verwaarloosbaar is - zelfs wanneer de toestemmingstheorie, dankbaarheidstheorie en eerlijkheidstheorie voorschrijven dat je normaal de verkeersregels moet volgen. Evenzo, wanneer je met klokkenluiden levens kunnen redden, maar je een aantal regels moet breken om bijvoorbeeld te onthullen dat veiligheidsvoorschriften niet worden nageleefd op een nieuw aangelegde luchthaven, kan je ongehoorzaamheid gerechtvaardigd zijn, zelfs wanneer de toestemmingstheorie, dankbaarheidstheorie en eerlijkheidstheorie voorschrijven dat je normaal gesproken de regels moet volgen.

Is eerlijkheid verplicht?

Voordat je echter in de eerlijkheidstheorie voor politieke verplichtingen gaat geloven, raden we je aan het volgende gedachte-experiment te overwegen. Een aantal van je buren besluit om een openbaar entertainmentprogramma te organiseren. Ze maken een lijst van alle mensen in de buurt, in totaal 365, inclusief jijzelf, en ze kennen een dag toe aan iedereen. Op ieders toegewezen dag moet een persoon platen spelen, moppen vertellen, commentaar geven op het nieuws, enzovoort. Op een gegeven moment is het jouw dag. Tot die dag weigerde niemand een bijdrage te leveren. Ben je nu moreel verplicht om jouw bijdrage te leveren?

Sommigen zeggen van niet. Je wilde niet betrokken zijn bij dit project, je zou nooit hebben afgesproken om een dag te werken in ruil voor wat plezier. Door soms af en toe van het programma te genieten, heb je mogelijk de voordelen van de inspanningen van je buren ontvangen, maar je hebt ze nooit geaccepteerd. En de enkele ontvangst van voordelen kan geen verplichtingen stellen. Verplichtingen ontstaan alleen als je ze vrijwillig accepteert.

Moet je nu ook het idee van eerlijkheid verlaten en op zoek gaan naar een ander principe dat zou kunnen verklaren waarom we de wetten zouden moeten gehoorzamen? Niet noodzakelijk. Sommigen beweren dat de enkele ontvangst van bepaalde goederen, goederen waar je zonder niet een normaal, vredig, geciviliseerd leven zou kunnen leiden, inderdaad een verplichting van 'fair play' en daarmee de plicht om te gehoorzamen in stand roepen. Als je het eens bent met dit idee, raden we je aan dit artikel te lezen.

Als je denkt dat het antwoord waarschijnlijk ergens anders ligt, kijk dan uit naar ons volgende artikel, waarin we niet-transactionele verklaringen voor politieke verplichtingen bespreken.