Politiegeweld blijft een serieus probleem in België, en dat is gedeeltelijk te wijden aan rechters

De onverschilligheid van enkele Belgische rechters in zaken waarin onrechtmatig politiegeweld een rol speelt, is een systematisch probleem dat ervoor zorgt dat geweld blijft voorkomen.
Het Europees Hof van de Rechten van de Mens (EHRM) bracht op 20 juli 217 twee besluiten uit over minnelijke schikkingen waarbij Belgische burgers betrokken waren.

Waar gingen deze besluiten over? Na jaren procederen heeft de Belgische staat eindelijk erkend dat de twee mensen betrokken bij deze twee verschillende en ongerelateerde zaken onderworpen zijn aan politiegeweld - waaronder onmenselijke en onterende behandeling - in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Ondanks het geweld hebben Belgische rechtbanken lang de klachten van de slachtoffers genegeerd, terwijl beide zaken goede gronden en voldoende bewijs hadden. Na jaren ontkenning gaf de staat de voorkeur aan een schikking in de zaken, waarbij een significante hoeveelheid geld is betaald aan de klagende partijen. Dit om een nieuwe veroordeling van een internationaal hof te vermijden - en te ontsnappen aan de schande die dergelijke beschamende uitspraken zouden hebben veroorzaakt.

De prijs betalen

Het is inderdaad niet de eerste keer dat Europese hoven België heeft veroordeeld voor zaken die illegaal gebruik van geweld en straffeloosheid van politie betroffen. In de bekende zaak Bouyid v. België heeft de Grote Kamer van het EHRM de Belgische autoriteiten bekritiseerd en de politieactiviteiten veroordeeld die door Belgische rechters, met inbegrip van de rechters van het landelijk gerechtshof, als rechtmatig waren beschouwd.

Maar België lijkt de les niet te hebben geleerd. De staat (dat wil zeggen de belastingbetaler) betaalt daar nu een hoge prijs voor. Op financieel vlak, na jarenlange procedures en na het negeren van de klachten van de slachtoffers, betaalt België het ene slachtoffer 185.000 Euro en de andere 15.000 Euro als een vergoeding.

Belangrijker nog, qua internationaal imago zetten deze gevallen België op de lelijke lijst van landen die straffeloos tolereren (tenminste tot een internationale rechtbank hen ertoe verplicht om er iets aan te doen).

Tijd om straffeloosheid te beëindigen

De Ligue des Droits de l'Homme (LDH) heeft in een van deze twee zaken ingegrepen om het EHRM te informeren over de moeilijkheden die de slachtoffers van politiegeweld ondervinden om rechtsbescherming voor Belgische rechtbanken te krijgen. Bij deze gelegenheid heeft de LDH een amicus curiae opgesteld met als doel het Hof op de hoogte te stellen over deze kwestie, en over de belangrijkste regelgevende en praktische belemmeringen die de slachtoffers van politiegeweld tegenkomen. Een samenvatting van de brief is beschikbaar op de homepage van LDH.

Uit deze gevallen blijkt dat het onwettige gebruik van geweld (met racistisch motief in één van de gevallen) en zelfvoldane manier waarop sommige rechters deze zaken behandelen, systematische problemen in België zijn. Het is tijd dat de staat de straffeloosheid van degenen die de politiemacht beschadigen beëindigt door concrete maatregelen te treffen, waaronder regelgevende maatregelen en trainingen voor politieagenten en rechters.

Je moet cookies van derden accepteren om deze content te kunnen zien.