Mensenrechten en terrorisme: Een interview met een voormalig VN rapporteur

Rights International Spain sprak met Martin Scheinin, speciale VN rapporteur inzake de bescherming van mensenrechten in de strijd tegen het terrorisme van 2005 tot 2011.

We richten onze aandacht hier op de verschillende onderwerpen die we tijdens het interview bespraken. Het interview kun je hieronder bekijken.

De gevaren van een vage wetgeving en open normen in het strafrecht

Volgens Scheinin kun je alleen het terrorisme op efficiënte manier bestrijden door het aannemen van duidelijke wetgeving. “Als wetten vaag en breed interpreteerbaar zijn kunnen ze uiteindelijk misbruikt en – in het ergste geval - contraproductief worden,” zegt Scheinin. “Door iedere afwijking te associëren met terrorisme ondermijnt de staat zijn eigen legitimiteit.”

Het enige dat strafbaar moet worden gesteld is aanzetten tot terrorisme. Maar “er moet een intentie zijn om anderen tot terroristische daden aan te zetten en een objectief gevaar bestaan dat er dan één of meer terroristische daden worden gepleegd. Alleen dan mag je de uitingsvrijheid criminaliseren."

Eenzame opsluiting in Spanje een “anomalie in Europa”

Volgens Scheinin “is het echt een anomalie in het huidige Europa dat Spanje staat op eenzame opsluiting voor terreurverdachten […]; een verschrikkelijk verkeerde houding om aan te nemen.”

De wetgevingsrisico’s na terreuraanslagen

“Paniek zorgt voor beroerde wetgeving. Het zorgt voor verkeerd geformuleerde wetten die mensenrechten schenden en geen deugdelijk antwoord zijn op terreur,” aldus Scheinin. Het grootste probleem vormen de maatregelen die de overheid neemt zonder dat zij onderzoekt of de oude wetten goed zijn of dat ze enig effect hebben in de strijd tegen terreur. Volgens Scheinin herhalen we na de aanval op de Franse krant Charlie Hebdo dezelfde fout van na 9/11 door wetgeving vast te stellen die “een wezenlijk gevaar voor burgerlijke vrijheden vormt”.

Falende profilering

Scheinin is helder: “Het creëren van terroristenprofielen is één van de grootste mislukkingen in de paniek van na 9/11.” Hij zegt dat er in feite “niets uit deze pogingen is ontstaan – vanaf het allereerste begin was dit een vergissing: je begint met het identificeren van nationaliteiten en dan sluit je je eigen nationaliteit uit. Maar nog steeds zijn de meeste echte terroristen je eigen landgenoten. En dus sluiten we uiteindelijk de echte dreiging uit.”

Massasurveillance: nutteloze inbreuk op rechten in de strijd tegen terrorisme

“De huidige grote mislukking is de enorme elektronische massasurveillance.” De voormalige speciale rapporteur van de VN zegt dat de onthullingen die Snowden deed, aantonen dat er een gigantische dataverzameling is aangelegd, inclusief complexe metadata die een enorme hoeveelheid informatie over individuen bevat, “inclusief gevoelige persoonlijke gegevens”.

“Het probleem is niet dat de politie en de inlichtingendiensten niet weten wie ze zoeken,” zegt hij, “maar wel dat ze vanuit hun obsessie om van iedereen gegevens te verzamelen veel te veel mensen proberen te volgen.” Volgens Scheinin heeft massasurveillance bewezen ineffectief te zijn in de strijd tegen terrorisme.

Het recht op privacy moet verder ontwikkeld worden

Scheinin betreurt dat privacy een “onderontwikkeld recht” is geworden, in de zin dat er niet veel jurisprudentie bestaat. Het zou volgens hem erg goed zijn als "het Mensenrechtencomité van de Verenigde Naties algemene aanbevelingen zou uitbrengen over het recht op privacy” (vergelijkbaar met de toets van het recht op vrije meningsuiting).

Het aanvullend protocol van de Raad van Europa over buitenlandse terreurstrijders

“Dit protocol is een illusie, want het suggereert dat het het fenomeen van buitenlandse terreurstrijders aanpakt. Maar in feite is het nutteloos omdat terrorisme gedefinieerd wordt in verhouding tot de daden die niet door buitenlandse terrorismeverdachten worden begaan.” Scheinin gelooft dat we met dit protocol “nieuwe juridisch onzin produceren.”

Op een constructieve manier samenwerken is noodzaak

De voormalig rapporteur maakte duidelijk dat hij voorstander is van het stimuleren van “praktische maatregelen om betrokken te raken bij gemeenschappen, inclusief de kweekvijvers voor terrorisme.” Hij benadrukte dat dit soort werk in geen geval ‘radicaliseringspreventie’ moet zijn maar juist ‘terrorismepreventie’. Het voorkomen dat mensen voor terroristische daden worden gerekruteerd is het doel.

Schendingen van mensenrechten en herstelbetalingen voor terreurslachtoffers

Scheinin benadrukt de paradox in de houding van veel lidstaten als ze veroordeeld worden voor het schenden van mensenrechten in de strijd tegen terrorisme. Men neigt te zeggen “Waarom kom je ons hier kritiek leveren, waarom bekritiseer je de terroristen niet en waarom spreek je niet ten gunste van de rechten van de terrorismeslachtoffers?”Als hij deze mensen vroeg wat zij deden om de rechten van terrorismeslachtoffers bekend te maken en te beschermen “bleven ze vaak stil”, is zijn ervaring.

Je moet cookies van derden accepteren om deze content te kunnen zien.